COLUMN | Vrouw op de bouw 15: dat vocht wil eruit, en wel nu!

COLUMN | Vrouw op de bouw 15: dat vocht wil eruit, en wel nu!

augustus 14, 2020 0 Door admin

Een vochtige druipsteengrot. Zo kan je de binnenkant van ons huis momenteel het beste omschrijven. Beslagen ramen, natte muren, plassen water op de vloer, plafonds vol druppels. En het ruikt er naar gronderige champignons. Dit is aflevering 15 van Vrouw op de bouw.

Journalist Jikke Zijlstra, haar man Wilfred en kinderen Mats (11) en Isis (9) bouwen hun droomhuis in Balk. Maar van droom tot huis, dat gaat wel even duren. Ze neemt ons mee in het (soms moeizame) proces.

Alsof er een stevige lekkage is geweest, of een overstroming. Maar dat is gelukkig niet het geval. Deze klamme bende heeft twee oorzaken: de onlangs gestorte zandcementdekvloer, waarin honderden liters water zijn verwerkt. En het pleisterwerk dat sinds kort op de wanden zit, dat ook grotendeels uit water bestaat.

Al dat vocht wil eruit, en wel nu, zo lijkt het. Daar moeten we iets aan doen, zo waarschuwt de stukadoor, anders komt er schimmel op de muren. Schimmel in een nieuwbouwhuis? Dat klinkt ranzig. En ook een beetje sneu.

Bovendien begint de tijd te dringen. Als we over enkele maanden willen verhuizen, moeten we nog flink aan de bak: muren verven, plafonds spacken en een vloer leggen. Dat kan alleen als die droog zijn.

Gelukkig hebben we tijdens dit bouwproces geleerd dat voor elk probleem een oplossing bestaat. In dit geval moeten we ventileren, verwarmen en drogen, zegt de stukadoor.

Dat eerste is eenvoudig: we zetten een raam open. Verwarmen doen we met kleine kachels, die bizar veel stroom vreten. Zo’n 3 kilowatt per uur. Als ze vier weken dag en nacht branden, verbruiken ze net zoveel stroom als we normaal in een heel jaar kwijt zijn! Ook onze meterkast heeft moeite met de apparaatjes, want als we er drie tegelijk aanzetten, slaan meteen de stoppen door!

Voor het drogen gebruiken we condensatiedrogers. Eentje kunnen we lenen, een forser exemplaar met een capaciteit van 50 liter huren we. Na een paar uur staat het kleine uitlekbakje vol water. Even legen, en hij kan weer door.

Erg snel gaat het echter niet. Als we het huis droog willen krijgen, hebben we iets groters nodig. Een apparaat dat niet uitgaat, zodra het bakje vol water zit.

Ik ruil het schattige machientje daarom in voor een zwaar bakbeest met een capaciteit van 150 liter. Deze jongen begint als een gek te brullen, zodra ik hem aandoe. Onder het slangetje zet ik een speciekuip om de druppels in op te vangen. Het enige wat we nu hoeven te doen, is de kuip legen zodra ’ie vol zit. Dat is het geval rond tien uur ’s avonds, zo zie ik als ik met de zaklamp door het donkere huis struin.

De volgende ochtend word ik extra vroeg wakker, omdat ik droomde over een ondergelopen slaapkamer. En inderdaad, als ik bij de woning aankom, zie ik onder de machine een grote plas water liggen. Terwijl de kuip zo goed als leeg is. Dat gaat lekker zo! Het apparaat is verstopt, zo blijkt als ik ’m terugbreng naar het verhuurbedrijf. Als service van de zaak krijg ik behalve excuses twee andere drogers mee, van elk 75 liter. Nog even, en ik heb het hele assortiment uitgetest.

Ietwat wantrouwend zetten we de drogers aan. Binnen een kwartier drupt er al water uit de slangen. Dit ziet er beter uit! ’s Avonds fiets ik weer naar de kavel voor een waterinspectie. Gelukkig zie ik geen plassen op de vloer; wel een goed gevulde kuip en jerrycan die ik met veel plezier leegkiep in het toilet.

En zo gaat het nu al een paar weken. Elke ochtend en avond rijden we naar de woning om de boel te legen. Alsof we op huisdieren moeten passen, die tweemaal daags gevoerd en uitgelaten moeten worden. Ik vind het prima. Mits het ooit een keertje ophoudt.

Meer lezen van Jikke? Begin hier met de eerste aflevering van haar column Vrouw op de bouw. Ook aan het (ver)bouwen? Hier vind je slimme tips om te besparen.

Source: woonblog