COLUMN | Vrouw op de bouw: van bult zand naar droomhuis

COLUMN | Vrouw op de bouw: van bult zand naar droomhuis

mei 8, 2020 0 Door admin

Een kavel kopen om daar je droomhuis op te bouwen. Hoe moeilijk kan het zijn? Zeker wanneer je al eens een vervallen krot hebt weten om te toveren tot een luxe woonboerderij. Al jaren dromen mijn man en ik ervan een eigen huis te bouwen… Dit is aflevering 1 van Vrouw op de bouw.

Journalist Jikke Zijlstra, haar man Wilfred en kinderen Mats (11) en Isis (9) bouwen hun droomhuis in Balk. Maar van droom tot huis, dat gaat wel even duren. Ze neemt ons mee in het (soms moeizame) proces.

We weten precies hoe het eruit moet komen te zien: modern, met een plat dak, veranda en veel glas. En bij voorkeur staat het aan het water, met een aanlegsteiger voor een bootje en een zwembad voor de deur!

Maar zoals zo vaak bij dromen, blijven ze dat. In ons geval heeft dat ook een reden: We zijn aan het bijkomen van ons eerste grote bouwproject: het opknappen van een bouwval. Twee jaar lang offerden we elk vrij uur op om de betonvloer en het stalen casco om te toveren tot een mooie woonboerderij.

Toen dat na honderden dagen vroeg opstaan, afzien en doorzetten eindelijk gelukt was, kon ik geen boormachine, hamer of gipsplaat meer zien! Dit nooit weer. En als we ooit nog eens zouden verhuizen, dan toch zeker naar een al bestaand huis dat helemaal af is. Tot en met de plinten.

Bijna tien jaar duurt het afkickproces nu al. Op de stapel Eigen Huis en Interieurs en vtwonens – mijn lijfbladen gedurende de bouw – ligt inmiddels een dikke laag stof. Voor het verven van de kozijnen huren we een schilder in. En naar bouwmarkten gaan we alleen in tijden van hoge nood.

Tot ik op een dag met een collega bij de koffieautomaat sta te kletsen. Al roerend in zijn cappuccino vertelt hij dat hij in Balk een stuk grond heeft gekocht, aan de Luts. En dat hij dat terrein gaat opsplitsen. Op de mooiste kavel gaat hij zelf een huis bouwen; de overige zeven gaan in de verkoop. Of ik misschien belangstelling heb?

In een klap ben ik alle rugpijn en stress van het klussen vergeten. Hoezo nooit meer bouwen? Het viel toch best mee? Zo vermoeiend was het toch niet? En wat is nou twee jaar?

Nog diezelfde avond sta ik samen met mijn gezin op de betreffende kavel. Zouden we hier iets moois kunnen gaan bouwen? Heeft deze bult zand potentie?

Gelukkig kunnen we het besluit nog even uitstellen, want voordat de gemeenteraad instemt met de bestemmingswijziging, is het twee jaar later. Tegen die tijd zijn wij eruit: zodra de kavels in de verkoop gaan, slaan we toe. En zijn we de trotse eigenaren van een stuk grond waar ons droomhuis op komt te staan.

Ik zie mezelf al zitten op de steiger, met een glas wijn in de hand, naast de vuurschaal. Het geluid van meerkoetjes en voorbijvarende bootjes op de achtergrond. Maar zodra we onze handtekeningen onder het voorlopige koopcontract zetten, is de romantiek er snel af.

Gemeenten en banken willen tientallen documenten zien voordat ze ook maar iets verstrekken, zoals een bouwvergunning of geld. Timmerlieden en installateurs vinden die ons huis daadwerkelijk gaan bouwen, is een andere uitdaging. Want waar haal je die vandaan in een tijd dat het tekort aan vaklieden nog nooit zo groot was? En hoe gaan we ons huis eigenlijk verwarmen zonder gasaansluiting?

Langzaam dringt het tot me door dat het Grote Genieten nog ver weg is. Zeker twee jaar. Verhalen van een vrouw op de bouw…

Source: woonblog